Van 1 september 2026 tot en met 30 oktober 2026 loopt een openbaar onderzoek over de voorlopige aanduiding van 26 watergevoelige openruimtegebieden (WORG) in de provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Vlaams-Brabant. Voor Kortrijk gaat het om het gebied Pluimbeek.
Aanduiding
Er wordt steeds meer ruimte bebouwd en verhard in Vlaanderen. Het water kan daardoor moeilijker in de bodem dringen en er blijft minder ruimte vrij om het water tijdelijk op te vangen bij hevige regenbuien. Om Vlaanderen beter te beschermen, wil de Vlaamse Regering het waterbergend vermogen van bepaalde watergevoelige gebieden vrijwaren en voldoende ruimte voorzien voor water. De Vlaamse Regering wil deze gebieden herbestemmen naar een openruimtefunctie via een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) of door aanduiding als watergevoelig openruimtegebied. Getroffen eigenaars kunnen in aanmerking komen voor een compenserende vergoeding.
Op 26 juni 2026 heeft de Vlaamse Regering ook ‘Pluimbeek’ in Kortrijk voorlopig aangeduid als watergevoelige openruimtegebied.
Inzage dossier
Vanaf 1 september 2026 tot en met 30 oktober 2026 ligt de voorlopige aanduiding met de bijhorende bijlagen: het grafisch plan, de toelichtingsfiche en het ontwerp van plan-MER, ter inzage:
- Op de website van de CIW: integraalwaterbeleid.be/openbaar-onderzoek
- Op de website van het Departement Omgeving: omgeving.vlaanderen.be/worg
- Bij het stadsbestuur van Kortrijk
De eigenaars van percelen die geheel of gedeeltelijk binnen deze voorlopige aanduiding liggen, ontvangen een individuele kennisgeving over het openbaar onderzoek.
Informatie- en inspraakmoment
Op de volgende locatie vindt een informatie- en inspraakvergadering plaats onder de vorm van een infomarkt: woensdag 16 september 2026 doorlopend van 15 uur tot 19 uur, OC Lange Munte, Beeklaan 81, 8500 Kortrijk
Inschrijven kan op www.integraalwaterbeleid.be/openbaar-onderzoek
Een reactie indienen
Inspraakreacties kunnen analoog of digitaal worden ingediend tot uiterlijk vrijdag 30 oktober 2026 bij de Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid, Koning Albert II-laan 15 bus 470, 1210 Brussel of via het inspraakformulier op www.integraalwaterbeleid.be/openbaar-onderzoek.
Inspraakreacties kunnen ook tegen ontvangstbewijs worden bezorgd bij het stadsbestuur van Kortrijk.
Verwerking inspraakreacties
Na het openbaar onderzoek formuleert de CIW op basis van de ontvangen adviezen en inspraakreacties en, in voorkomend geval, rekening houdend met het goedgekeurde plan-MER, een voorstel tot definitieve aanduiding op basis van de criteria, vermeld in artikel 5.6.8, §1, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Daarna duidt de Vlaamse Regering de watergevoelige openruimtegebieden definitief aan. De beslissing wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, op de websites van het Departement Omgeving en de CIW en per brief meegedeeld aan de eigenaars van de percelen die geheel of gedeeltelijk binnen de definitieve aanduiding liggen.
Gevolgen van aanduiding als watergevoelig openruimtegebied
Een aanduiding als watergevoelig openruimtegebied heeft als gevolg dat de huidige bestemming van het gebied (woongebied, industriegebied,...) niet meer gerealiseerd kan worden. In deze gebieden kunnen dus geen vergunningen meer verleend worden voor bijvoorbeeld nieuwe woningen of bedrijven.
In de plaats krijgt het gebied de bestemming van de bij decreet vastgelegde stedenbouwkundige voorschriften voor watergevoelig openruimtegebied (artikel 5.6.8 §3 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening). De aanduiding als watergevoelig openruimtegebied wordt voorafgegaan door een openbaar onderzoek.
- Binnen watergevoelige openruimtegebieden zijn waterbeheer, natuurbehoud, bosbouw, landschapszorg, landbouw en recreatie mogelijke functies. Kleinschalige infrastructuur voor recreatie of in functie van de openruimtefuncties blijft mogelijk.
- Onbebouwde delen van verkavelingen die binnen een watergevoelig openruimtegebied liggen, vervallen door de aanduiding als watergevoelig openruimtegebied en kunnen dus niet meer bebouwd worden. Ook principiële akkoorden worden opgeheven. De gekende verkavelingen staan aangeduid op de plannen van de voorlopige aanduiding.
- Bestaande constructies binnen een watergevoelig openruimtegebied kunnen behouden blijven, maar hierop worden de zonevreemde basisrechten van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van toepassing.
- Binnen watergevoelige openruimtegebieden gelden geen beperkingen op landbouwgebruik. De gebieden bieden ook kansen voor groenblauwe dooradering of bebossing.
Omwille van de significante wijzigingen worden alle eigenaars van percelen binnen deze gebieden via brief op de hoogte gebracht van het openbaar onderzoek over de voorlopige aanduiding, en later ook over de definitieve aanduiding.
Vergunningsaanvragen binnen gebieden met een waterproblematiek krijgen vandaag op basis van de watertoets vaak een negatieve beoordeling. Eigenaars hebben geen recht op een vergoeding op basis van een weigering van een omgevingsvergunningsaanvraag. Dat kan pas na een bestemmingswijziging via een ruimtelijk uitvoeringsplan.
Met de procedure voor de aanduiding van watergevoelige openruimtegebieden wordt dezelfde vergoeding voor planschade voorzien als bij ruimtelijke uitvoeringsplannen. Na de definitieve herbestemming tot watergevoelig openruimtegebied hebben eigenaars twee jaar de tijd om van de mogelijkheid tot planschade gebruik te maken.