Een zelfportret is veel meer dan slechts een afbeelding van het eigen gezicht; het is een intieme blik in de ziel van de maker.
Door de eeuwen hebben kunstenaars zichzelf vastgelegd om hun identiteit en emoties te onderzoeken. Het biedt de maker de ultieme vrijheid om te bepalen hoe zij gezien willen worden, variërend van realistisch tot abstract. Soms is het een studie van ouderdom en vergankelijkheid, terwijl het op andere momenten een krachtig statement van zelfvertrouwen en trots is. Het proces dwingt de maker tot diepe introspectie waarbij men zichzelf letterlijk en figuurlijk in de spiegel aankijkt.
Een zelfportret in een vertrouwde omgeving, de kamers, meubels en kleine details rondom mij vertellen mee wie ik ben. Ze tonen gevoelens, herinneringen en stukjes van een persoonlijk verhaal. Zo ontstaat een beeld dat eerlijk en dichtbij aanvoelt.
Zo worden de beelden in mijn vertrouwde omgeving een soort visueel dagboek van wie ik ben en hoe ik leef.