Tegemoetkoming intern busvervoer secundair onderwijs
Omschrijving
Kosten voor intern busvervoer voor extramurale schoolactiviteiten vormen voor heel wat scholen een serieus aandeel in hun werkingsbudget, waardoor ze genoodzaakt zijn deze al dan niet volledig door te rekenen aan de leerlingen en bijgevolg het aantal uistappen vaak beperken.
De stad wenst, weliswaar met medewerking van de scholen, een extra inspanning te leveren om te voorkomen dat uistappen naar cultuur- en sportactiviteiten zouden beperkt worden.
Voorwaarden
- Enkel secundaire scholen gelegen op het grondgebied van de stad Kortrijk hebben recht op de tegemoetkoming.
- De tegemoetkoming geldt enkel voor het busvervoer naar cultuur- en sportactiviteiten die plaatsvinden op het grondgebeid van de stad Kortrijk.
Uitzondering: busvervoer naar de zwembaden in de aan Kortrijk grenzende gemeenten geldt ook. - De scholen dienen het door de stad toegekende bedrag met eigen middelen te vermeerderen met de helft en dit totale bedrag (stadsdeel en schooldeel) het volgend schooljaar te besteden aan het gratis of goedkoper maken van het busvervoer of voor het organiseren van extra busritten/activiteiten.
Aanvragen
Wie?
De secundaire scholen dienen hun aanvraag in bij de Cel Onderwijs.
Wanneer?
De aanvraag moet uiterlijk tegen eind juni ingediend worden.
Hoe?
- De scholen bezorgen Cel Onderwijs jaarlijks tegen uiterlijk 1 september een overzicht van het aantal leerlignen per vestigingsplaats, volgens de telling van 1 februari van het voorbije schooljaar.
- Daarnaast bezorgen de scholen tegen uiterlijk 1 september een overzicht van de activiteiten die het voorbije schooljaar, dankzij de bijdrage van de stad en de eigen bijdrage, hetzij voor de leerlingen goedkoper werden gemaakt, hetzij supplementair werden georganiseerd.
Dit overzicht zal een opgave bevatten van de busritten, hun bestemming en het bedrag van de tussenkomst (van de stad en de school) dat eraan besteed werd.
Afhandeling
Het budget van de stad wordt verdeeld tussen de scholen die een aanvraag indienen, op basis van de leerlingenaantallen.
Scholen met de meeste leerlingen, zullen dus een grotere tegemoetkoming krijgen.
De bijdrage van de stad wordt gestort aan de schoolbesturen, die het aan hun respectievelijke scholen bezorgen.

